De drie voorrangsregels
Op kruispunten zonder verkeerstekens die de voorrang regelen gelden maar drie voorrangsregels. Als je deze drie regels bij iedere vraag van het CBR toepast kun je simpelweg geen fouten maken bij het onderdeel voorrang van het theorie-examen.
Wat zijn deze voorrangsregels?
Regel 1:
Op kruispunten verlenen bestuurders voorrang aan voor hen van rechts komende bestuurders.
Op deze regel gelden de volgende uitzonderingen: Bestuurders op een onverharde weg verlenen voorrang aan bestuurders op een verharde weg.
Natuurlijk heb je ook nog te maken met overige bijzondere voertuigen zoals trams, uitvaartstoeten en militaire colonnes.
Ook kun je te maken krijgen met bijzondere wegen zoals rotondes en uitritten.
Deze bijzondere wegen en verkeersdeelnemers worden in het volgende hoofdstuk behandeld.
Regel 2:
Bestuurders die afslaan, moeten het verkeer dat hen op dezelfde weg tegemoet komt of dat op dezelfde weg zich naast dan wel links of rechts dicht achter hen bevindt, voor laten gaan.
Regel 3:
Bestuurders die naar links afslaan, moeten tegemoetkomende bestuurders die op hetzelfde kruispunt naar rechts afslaan voor laten gaan.


